top of page

Wordt het echt anders met Anders, of meer van hetzelfde?

  • rafnjotea
  • 22 jan
  • 3 minuten om te lezen

Als een professor taalkunde mag opdraven in een nieuwsitem, dan weet je dat het interessant wordt. Naar aanleiding van de geboorte van een baby met de naam Metejoor, eind vorig jaar, werd Freek Van de Velde gevraagd naar het belang en de impact van namen. Een naam is geen neutraal etiket: hij geeft weer hoe je in de wereld staat en bepaalt mee hoe de wereld naar jou kijkt. Sociale visitekaartjes noemt Van de Velde ze. In situaties waarin er weinig tijd is voor een diepgaande analyse van iemands persoonlijkheid, gaan mensen af op de naam en wat die overbrengt.


Deze week kwam er verrassend nieuws uit liberale hoek. Sneller dan verwacht onthulde voorzitter Frédéric De Gucht dat Open VLD voortaan ‘Anders’ heet. Het is natuurlijk verre van de eerste keer dat een partij van naam verandert. We zagen het in 2021 met Vooruit en in 2022 aan de andere kant van de taalgrens met Les Engagés. Meestal komt zo’n naamsverandering na electorale klappen of een langdurige malaise. Een nieuwe naam houdt de belofte in van een schone lei, of toch minstens de illusie daarvan.



Dat het daarbij niet altijd om een radicale ommezwaai hoeft te gaan, bewees Tony Blair al midden jaren 90. Hij doopte Labour om tot New Labour en herpositioneerde zo zijn partij helemaal. Dat ene bijvoeglijke naamwoord volstond om de Conservatieven een zware verkiezingsnederlaag aan te smeren. De partij zette zich ermee af tegen het oude Labour en slaagde er zo in een begeesterend nieuw verhaal te verkopen. De naam ging vooruit op de inhoud en sleurde die voor een deel mee.


Wat de naamsverandering van Open VLD nog eens onderstreept, is hoezeer politieke afkortingen uit de mode zijn. Decennialang domineerden die hier bij ons het landschap, zeker in het politieke middenveld. De socialistische partij begon in 1885 als de Belgische Werklieden Partij. Die BWP werd BSP, dan SP, dan sp.a (let op de kleine letters) en uiteindelijk Vooruit. De liberalen startten in 1846 als Liberale Partij, de oudste partij van het land. Die vervelde in Vlaanderen tot PVV, VLD, Open VLD en nu dus Anders.


Lang stonden die afkortingen voor helderheid en daadkracht. De S van socialistisch. De L van liberaal. De C van christelijk. De V van Vlaams — of vroeger van Vrijheid. Het waren ideologische bakens in een overzichtelijk verzuild landschap. Maar in de huidige politieke realiteit werken die afkortingen eerder averechts. Ze voelen rigide, stoffig, institutioneel. Ze ademen de taal van apparatsjiks en partijcongressen. En net dat is het grote probleem van de hedendaagse politiek: het gevoel dat die te ver afstaat van het dagelijkse leven.


Tijd daarom voor het ‘dynamische begrip’. In hun queeste naar vernieuwing grijpen partijen steeds vaker naar woorden die een emotie oproepen in plaats van een doctrine te onderschrijven. Beweging. Hoop. Verbondenheid. Engagement. Achter die verschuiving zitten twee strategische doelen. Ten eerste: de-institutionaliseren. Partijen willen zich niet langer presenteren als bureaucratische machines, maar als burgerbewegingen. Ze hopen op die manier de particratie te omzeilen en de kloof met de burger te dichten. Ten tweede: de-ideologiseren. Ze willen de verzuiling definitief achter zich laten en een breder publiek aanspreken dat zich niet meer herkent in de oude ideologische breuklijnen. Het gaat om engagement voor specifieke thema’s in plaats van een vastomlijnde levensbeschouwing.


De centrumpartijen hinken daarin achterop op de flanken. Groen gooide al in 2003 zijn oude naam Agalev overboord, ook weer na een zware verkiezingsnederlaag. (Leuk detail: dat Agalev een acroniem was van Anders Gaan Leven wist ik. Dat het officieel Anders Gaan Arbeiden, Leven En Vrijen was, omdat elke letter van een partijnaam toen nog wettelijk een betekenis moest hebben, wist ik niet. Zo belangrijk waren politieke afkortingen dus!) Het Vlaams Blok (officieel acroniem: VB) zette zelfs al vanaf zijn oprichting eind jaren 70 in op emotie en geestdrift. Ik denk niet dat CD&V zijn letters nog heel lang zal meedragen. Zal de N-VA uiteindelijk ook moeten buigen voor die sociolinguïstische politieke trend?


Volgens De Gucht gaat de naamsverandering van de liberalen om meer dan een louter cosmetische ingreep: de nieuwe naam staat ook voor een andere manier van aan politiek doen. Het is de vraag die bij zo’n rebranding altijd opduikt: hoeveel zal er werkelijk veranderen? Sowieso zal de nieuwe naam íéts teweegbrengen. Politiek moet immers ook gevoelens oproepen: een nieuwe naam kan verwachtingen creëren of energie losmaken. Semantiek is deel van de politiek. Maar zonder renovaties achter de gevel zal een nieuw uithangbord snel los komen te hangen. En dan blijft Anders vooral hetzelfde – met een nieuw visitekaartje.


Verschenen in De Standaard op 22 januari 2026

 
 
 

Opmerkingen


©2024 by Raf Njotea

bottom of page